Algemeen Staff Stories – mechanieker: Arno Rossignol: “Je komt in zoveel landen... in welke andere job kan je dat zeggen?”

Achter elke sterke renner staat een minstens even sterk team. In onze reeks Staff Stories stellen we ze graag aan jullie voor, de mensen die er elke dag voor zorgen dat Lotto Cycling Team een goed geoliede machine is. Vandaag: mechanieker Arno Rossignol.
Algemeen 08 mei 2025

Arno is al drie jaar een vaste waarde in de technische ploeg van Lotto Cycling Team. Hij neemt vooral de fietsen van de Ladies voor zijn rekening. Al jaren heeft hij een passie voor het herstellen en onderhouden van fietsen. “Negen jaar geleden ben ik gestopt met school om een opleiding tot fietsmecanicien te volgen,” vertelt Arno. “Daarna ben ik aan de slag gegaan in een lokale fietsenwinkel en ging ik mee als mecanicien bij een jeugdploeg, van nieuwelingen tot beloften. Stap voor stap heb ik me opgewerkt tot waar ik nu sta: mijn derde seizoen bij Lotto.”

 

Wat hem het meest aanspreekt in zijn job? Daar moet hij niet lang over nadenken: "De variatie aan wedstrijden en de landen waar je komt,” zegt Arno. En zijn ultieme droom? “Ik wil ooit graag mee naar de UAE Tour. Het lijkt me fantastisch om de Verenigde Arabische Emiraten te ontdekken, en hoe mooi is het als je dat kan doen terwijl je je job uitoefent?”

 

Een mechanieker doet veel meer dan fietsen repareren of in de volgwagen zitten om tijdens de wedstrijd meteen te kunnen ingrijpen. Hij is vaak ook een vertrouwenspersoon voor de renners. Zij moeten op elk moment op hem kunnen rekenen. “Het mooiste is dat je deel uitmaakt van een team dat samen strijdt voor een doel, of dat nu een ritzege is of het veroveren van een trui.”

 

Zijn mooiste herinnering? “Zonder twijfel de Tour de l’Ardèche van vorig jaar, waar we met Thalita de Jong twee etappes, het eindklassement en vier truien wonnen,” blikt hij terug. Ook naar de toekomst kijkt Arno ambitieus: “Ik hoop dat we de ploeg kunnen blijven uitbouwen naar een hoger niveau. En dat we ooit tot de topploegen mogen behoren, wie weet.”

 

Foto: Brecht Steenhouwer